woensdag 11 september 2013

Speurtocht

De natuur is altijd al een passie van mij geweest en sinds twee jaar heb ik deze passie weer terug.
Zolang als ik me kan herinneren heb ik lange wandeltochten met mijn vader, soms samen met mijn broertje en meestal met de jongste broer van mijn vader, gemaakt waarbij ik de liefde voor de natuur met de paplepel heb gekregen. Begonnen zijn deze tochten in de buurt waar ik ben opgegroeid.

de "drie"bomen
Het dichtst bij was het Rimburgse bos wat nog steeds veel voor mij betekent en waar ik ook nog af en toe kom. Hier staat een boom die een speciale betekenis voor me heeft. Het is een boom die in drieën is gesplitst en uitgegroeid. Ik kan me niet meer herinneren hoe het precies is gekomen. Was het nu dat mijn vader dit zelf vertelde of is mijn jeugdige fantasie op hol geslagen? In mijn herinnering stond deze voor mijn vader symbool voor zijn drie kinderen, mijn zus mijn broer en ik. Vandaag vertegenwoordigt deze boom mijn drie jongens, Dion Milan en Rian. Mooi zoals deze boom onderin een één geheel vormt en verder naar boven steeds verder uit elkaar gaat, het onbekende tegemoet. Dit is ook een beetje de weergave van de onderlinge band tussen mijn zus, broer en ik. Vroeger een geheel omdat we in een huis verbleven en naar gelang de jaren verstreken groeiden we toch enigszins uit elkaar en ging een ieder zijn eigen weg. Net zoals de "drie" bomen ook uit elkaar groeien en elk apart de toekomst tegemoet gaan. Ondanks dat we verder van elkaar af zijn gaan wonen is de band en de wortel van ons nog steeds aanwezig. Nu zie ik dit langzaam gebeuren met mijn jongens, zij het met een verschil, hun ouders zijn niet meer samen. Hopelijk gaat hun band en wortel hierdoor niet verloren. Vreemd genoeg lijkt een aftakking van de boom zonder leven te zijn, zou dit iets te betekenen hebben.......?

Brunssummerheide
Ook de Brunssummerheide ken ik al vanaf mijn jongste kindjaren. Met name de rode beek waar we vroeger als kind speelden en waar nu de honden worden uitgelaten en eigenlijk geen speelplek meer is voor de kinderen. Ook onze dagtochten door de Ardennen en de Hooge Venen door weer en wind hebben zeker bijgedragen aan mijn liefde voor de natuur. Hieraan terug denkend komen veel mooie herinneringen boven. Zeker de lange tochten samen met mijn vader en zijn jongste broer spreken nog steeds tot de verbeelding.

Het valt misschien op dat ik over mijn vader in de verleden tijd spreek. Nee gelukkig leeft hij nog, echter onze lange wandeltochten van weleer zijn niet meer. Hier liggen diverse oorzaken aan ten grondslag. Ten eerste is natuurlijk het gaan leiden van mijn eigen leven, baan en stichten van een gezin een van de grootste oorzaken.
D'r Pap
Mijn tijd voor de natuur nam af en zorgde voor het "doven" van mijn passie voor de natuur. Verder is mijn vader momenteel op een leeftijd waarop hij mogelijk dit soort tochten niet meer zo goed aan zou kunnen. Het meest parten speelt hem toch zijn gezondheid. Altijd heeft hij al last gehad van verhoogde bloeddruk en suiker maar was hij verder gewoon actief. Een zwaar ongeluk waarbij hij al rijdend op z'n fiets, op de terugweg van z'n werk, werd gegrepen door een vrachtwagen heeft hem de mokerslag gegeven. Hierdoor is hij nooit meer de oude geworden. Lopen werd een steeds groter probleem en kan hij zich nu alleen nog maar voortbewegen met behulp van een scootmobiel. Zelf lopen kan hij alleen nog enkele meters. Als klap op de vuurpijl heeft hij naast zijn toenemende problemen met z'n suikerziekte ook nog de diagnose prostaatkanker gesteld gekregen....... Dat sloeg in als een bom.
Ik mis onze gezamenlijke tochten enorm ondanks zijn gemopper. Hij heeft me veel geleerd met als voornaamste les dat je eerbied moet hebben voor de natuur en alles wat er in leeft. Zorg voor de natuur en de natuur zorgt voor jou.

Nu ik een nieuw leven samen met een nieuwe liefde Angela ben begonnen, heb ik ook langzaam weer meer tijd voor andere zaken en is de passie voor de natuur weer helemaal terug. Soms tot vervelens toe voor mensen om mij heen. Dit uit zich door een lidmaatschap bij (na jaren weer) Natuurmonumenten, de vogelbescherming en Landschap VZW. Hoewel ik nog niet zoveel tijd er in kan steken als ik zou willen maak ik veel gebruik van social media als Facebook en Twitter om toch met natuur bezig te kunnen zijn. Met name dit laatste medium maakt dat ik met veel gelijk gestemden in contact kom. Hierbij leer ik elke dag weer nieuwe interessante dingen over flora en fauna en geniet ik van de vaak prachtige foto's.
Dit levert echter voor mij ook meteen een probleem op. Mijn interessegebied is zo groot dat ik verdrink in de hoeveelheid. Het beste zou zijn als ik me ergens op ging focussen zonder de rest uit het oog te verliezen, maar waarop? Helaas ben ik nog steeds aan het zoeken en twijfelen wat dat zou kunnen zijn.

Oerrr!
Het liefst zou ik iets willen doen waarbij ik jongeren mijn passie kan overbrengen voor de natuur. Iets als natuureducatie bijvoorbeeld. Gezien mijn geringe kennis brengt ook dit grote twijfels. Ben ik wel geschikt voor dit werk? Daarbij komt nog de vraag of dit ook te combineren is met mijn werk.
Gelukkig biedt ook hier social media een uitkomst. Mede dankzij Twitter ben ik in contact gekomen met een bijzondere natuurorganisatie: stichting ARK-natuur. De aantrekkingskracht van deze stichting komt vanuit hun pionierswerk. Zij maken veel nieuwe gebieden tot een geschikt natuurgebied waarin de natuur het veelal zelf moet doen. Ook hun instelling om back-to-basic te gaan en het terug leggen van grote kadavers om de grote aaseters weer terug te krijgen spreekt mij enorm. Dit alles doen zij in samenwerking met diverse andere (natuur)instellingen in binnen en buitenland. (zie www.dooddoetleven.nl )
Het blijkt dat deze organisatie ook veldlessen aan scholen verzorgt
niet zo gek ver van mijn woonplaats vandaan.. Ik hoop na een info-avond een manier te vinden om deze wens in vervulling te laten gaan zodanig dat ik dit toch kan combineren met mijn werk.
Mijn speurtocht naar een persoonlijke quest, bezig zijn met natuur door er van te genieten en er ook iets voor te kunnen betekenen, is begonnen. Zal ik mijn voldoening en mijn eigen ik hierin terugvinden? De tijd zal het leren.

Waar eindigt de quest?

dinsdag 28 mei 2013

Roofdiersporen

sporen Eekhoorn
Roofdieren hebben al van jongs af aan mijn belangstelling weten te wekken. Om meer van deze bijzondere dieren te weten te komen ben ik een cursus roofdiersporen gaan volgen bij stichting ARK.
Niet alleen heeft het voordelen voor mij met betrekking om meer te weten te komen over deze dieren en ook te kunnen vaststellen welke roofdieren zich in een bepaald gebied bevinden, maar tevens kan ik op deze wijze bijdragen bij het in kaart brengen van deze dieren bij diverse natuurorganisaties.
Met name dat laatste en ook het kweken van meer begrip (door kennis) voor deze dieren bij de bevolking is de reden dat stichting Ark deze cursus geeft.
Met een drietal lezingen werden de rovers der lage landen voorgesteld en uitvoeriger besproken zodat je ze kunt herkennen mocht je ze ook daadwerkelijk te zien krijgen. Verder werd uitvoerig ingegaan op leefgebied en uiteraard de sporen van de dieren. Dit klinkt eenvoudig maar een test wees toch al snel uit dat het lang niet zo makkelijk is als het lijkt. Je moet toch goed je ogen de kost geven om een goede determinatie (chic woord voor vaststellen van, in dit geval, roofdiersoorten) te kunnen doen.

afdruk Das
Foto's kunnen een goed hulpmiddel zijn mits je voldoende goede en duidelijk foto's van het liefst zoveel mogelijk kanten van het dier hebt. De sporen (pootafdrukken) is weer een ander hoofdstuk en is niet zo makkelijk. Veel sporen van verschillende dieren lijken op elkaar en afhankelijk van de kwaliteit van de afdruk kan het zelfs zeer moeilijk tot onmogelijk zijn om een goede determinatie te maken. Dit geldt ook voor de uitwerpselen.
Uiteraard was er ook de mogelijkheid om het geleerde in de praktijk te brengen. Hiervoor werd een fieldtrip naar een mooie lokatie in de ardennen geregeld. Op vrijdag 24 mei vertrok ik met Hettie Meertens van stichting Ark richting Stoumont alwaar we nog een aantal cursisten bij de herberg zouden treffen. Met een select groepje van 6 trokken we er rond half negen ('s avonds) op uit om loksporen uit te zetten in de hoop de volgende ochtend in elk geval sporen te ontdekken.
 

Afdruk Wildzwijn
Onder leiding van onze gids Gilbert trokken we de bossen in alwaar we al snel enkele sporen van reeën en wildzwijnen te zien kregen. Wat de wildzwijnen betrof waren het niet alleen pootafdrukken maar ook uitwerpselen die ook heel goed met de neus waren waar te nemen. Op een route van ca 1,5 km lieten we op enkele plekken geursporen en wat lekkers achter om zo de dieren te lokken. Dit uitzetten van deze sporen leverde een hele gezellige en ook leerzame wandeling op. Een van de hoogtepunten was dat Bastiaan, net als Gilbert een natuurgids, mij wees op en leerde dat je de aanwezigheid van een vos kunt ruiken. Op een plek liet hij mij goed ruiken en bij vlagen was inderdaad een specifieke geur waarneembaar. Op de terugweg zagen Hettie en ik een ree ons pad oversteken. De nacht was op dat moment al flink van de dag aan het winnen en de donkere
regenwolken versterkten dit effect. Hierdoor konden we de wildzwijnen, die met veel kabaal op enkele meters ons passerden, niet met eigen ogen aanschouwen. Gilbert wist wel te vertellen dat gezien de herrie het een grote groep betrof.

uitwerpselen Boommarter
Omdat het te donker werd zijn we terug naar de herberg gegaan om daar onze lunchpakketten klaar te maken en nog even gezellig na te keuvelen. Rond half een ben ik uiteindelijk ergens in slaap gevallen om rond 4 uur weer door de wekker gewekt te worden. We maakten ons vlug klaar zodat we om 5 uur buiten stonden om nog enkele cursisten op te vangen die nakwamen.
Eenmaal compleet trokken we vol goede moed de bossen in naar de plekken waar we de lokstoffen hadden aangebracht. In de optrekkende mist liepen we muisstil over het pad in de hoop niet alleen sporen maar ook nog dieren te zien. Helaas waren de dieren niet zo meewerkend maar waren er sporen te over, wildzwijn, ree, das en marterachtige waren in elk geval langs geweest.
Door de regenbui van de vorige avond was de grond modderig en waren de sporen behoorlijk goed te zien. Toch kon ik zien dat het determineren van de sporen niet zo makkelijk is. Sporen vervagen al gelang te tijd verstrijkt zeker als het erg drassig is. Dankzij de gidsen kregen we toch meer duidelijkheid in de sporen die we vonden.

Ree
We zetten onze wandeling voort en werden daarbij getrakteert op een weelde aan planten en zelfs een ree. Onze dag kon niet meer stuk. Tegen het middaguur keerden we terug naar Stoumont en kletsten we nog even gezellig na op een zonovergoten terrasje bij een heerlijk kopje koffie en chococroissant.
Zo eindigde de zeer leerzame en gezellige excursie waarin het voor mij duidelijk werd dat ik nog heel wat ervaring moet opdoen om de sporen goed te kunnen lezen. Geeft mij weer een reden om nog vaker de natuur in te gaan.



maandag 15 april 2013

Lente in Nationaalpark de Meinweg


Wroetsporen wildzwijn
De weersvoorspelling voor vandaag zondag 14 april was veelbelovend dus alle reden om een lange wandeling te maken. Na zo'n lange winterperiode was ik wel toe aan een mooie lentewandeling.
Toch liet het weer in de ochtend niet zijn mooiste kant zien maar dat weerhield mij niet om de rit van 50 km naar NP de Meinweg te maken. Voor mij de eerste keer want nog niet eerder was ik daar geweest. Vreemd eigenlijk, ben regelmatig in de Ardennen geweest, de Eifel, Frankrijk en nog een aantal landen, maar in "mijn" Limburg heb ik nog niet de helft gezien.
Aldus kwam ik aan bij het bezoekerscentrum. Dit viel meteen in het oog door zijn ligging vlak naast de weg. Van hieruit trok ik de bossen in. Van het nationaalpark is bekend dat er ook groot wild als ree en wildzwijn voorkomen. Al vrij snel had ik ook sporen ontdekt van het wildzwijn.

Op diverse plekken was omgewoelde aarde te zien. Niet zomaar omgewoeld, nee het leek wel of iemand met een ploeg door het bos was getrokken.
Ongelooflijk te zien met welke brute kracht hier te keer was gegaan. Ik probeerde met mijn hand ook een spoor te maken in de aarde maar veel verder dan wat ondiepe gleufjes kwam ik niet. Des te meer had ik bewondering voor de kracht van dit dier. Zeker als je weet dat hij dit ploegwerk met zijn neus volbrengt. Begrijp nu ook waarom laatst iemand de uitdrukking kleine tank op poten gebruikte om het wildzwijn te beschrijven.

Door het park slenterend viel goed te zien dat de lente nu toch echt was begonnen. Overal ontsproten jongen plantjes. Ook aan bomen en struikenwaren her en der knoppen zichtbaar.
Maar ook in de dierenwereld was de lente merkbaar. Allerlei insecten waren rond aan het vliegen en kruipen. Maar ook een aantal vlinders lieten zich zien waaronder een dagpauwoog.

Het krioelde van de insecten en je kon zelfs weer het gezoem van ze horen. Opvallend veel mestkevers waren te zien in de Meinweg. Het leek wel als of de voorjaarsschoonmaak was begonnen.
Met name toen de zon doorkwam barstte de insectenwereld los inclusief muggen.

Maar het meest was de lente toch waarneembaar aan de vogels.
Waar ik ook liep waren de vogels hoorbaar en sommigen zelfs zichtbaar.
Boomklever
Bijzonder trots ben ik toch wel op het feit dat het me gelukt is om de boomklever en boomkruiper vast te leggen met mijn camera.
Bij mijn eerste contact met de boomklever was deze mij te snel af.
Bovendien zijn dit, en zeker de boomkruiper, geen grote jongens en verrekte snel.
Prachtig om te zien hoe de boomklever ondersteboven (de enige vogel die dit kan) een boom naar beneden gaat.


Boomkruiper

 De boomkruiper heeft daarentegen de eigenschap op de boom omhoog te klimmen door een spiraalbeweging om de boom te maken. Eenmaal boven gaat hij naar een andere boom en begint die weer van laag naar boven te klimmen.

Maar er zitten nog heel veel bijzondere vogels in het nationaalpark. Gespot heb ik ondermeer nog : koolmees, pimpelmees, kuifmees, roodborst, vlaamse gaai, bonte specht, vink en nog een aantal die ik niet meteen herkende.

De Meinweg zit dus boordevol dierlijk leven maar ook het landschap op zich is prachtig. Naaldbos wisselt zich bijna naadloos af met open vlakken van grasland, vennen en waterplassen. Ook in hoogte varieert het landschap waardoor het af en toe op een terrassenlandschap lijkt.
Wel verstandig om je paspoort mee te nemen want voor je het weet loop je over duits grondgebied. Hier is dus de natuur ook grensoverschrijdend en wordt aan beide zijden van de grens het gebied beschermd.
Een gebied wat mijns inziens zeker beschermd moet blijven. Het is er prachtig en zit vol leven zowel flora als ook fauna.

Helaas mocht ik deze keer geen ree of wildzwijn observeren maar dat maakten de vogels en dit eekhoorntje meer dan goed. Schijnbaar was hij/zij ook nieuwsgierig naar mijn verrichtingen want hij bleeft lang in zicht en keek zelfs recht in mijn lens. Als toetje trakteerde hij mij nog op een stukje luchtacrobatiek.

Kortom het nationaalpark de Meinweg is zeer de moeite waard. Een prachtig natuurgebied met een weelde aan flora en fauna en grensoverschrijdend.